De gijzeling

09 nov-30 nov 1983

“De Heining” Westelijk Havengebied te Amsterdam

 De heren Heineken en Doderer worden vastgehouden op een industrieterrein in het Westelijk Havengebied in Amsterdam. In dit afgelegen gebied bezitten de ontvoerders een timmerfabriek. Naast de fabriek staat een 42 meter lange  “Romney” loods.

Achter in deze loods, hebben de ontvoerders twee cellen gebouwd. In deze optimaal geďsoleerde cellen houden zij hun slachtoffers afzonderlijk van elkaar gevangen.

De cellen zijn vernuftig weggewerkt achter een blinde muur en is alleen toegankelijk via een geheime deur.

Heineken en Doderer zitten op middeleeuwse wijze vastgeketend aan de muur.

De heren, door de ontvoerders in pyjama gehesen, liggen op een matras en hebben een chemisch toilet tot hun beschikking. Van de ontvoerders krijgen ze twee maal daags te eten.

Ze moeten constant naar hetzelfde cassettebandje met Duitse muziek luisteren, op verzoek van de heer Heineken wordt het bandje vervangen door een radiozender.

Pas na vier dagen, wanneer de ontvoerders de deuren van de cellen open zetten, ontdekken de heren Heineken en Doderer dat zij beide ontvoerd zijn.

Per dag mogen zij slechts enkele minuten met elkaar spreken.

Deze eenzame en zware opsluiting zou drie weken duren.